Een gastbijdrage van Hans

Wat een leuk weerzien met Wim en Tine na meer dan tien maanden! Ik vond ze ondanks die 18.000 kilometer niet echt veranderd. Ja, de koersbroekjes staan een beetje afgetekend op de gespierde dijen, dat moet gezegd, maar ik herkende ze meteen toen ze op hun mooie Cannondales kwamen aangereden.
Op de internationale luchthaven van Tivat (die bestaat) dronken we alvast een grote kop koffie, want we hadden veel bij te babbelen. Belevenissen met wilde dieren in ontbinding, het spannende verslag van de nachtelijke legeroefening, avonturen over en met andere fietsers en reizigers, anekdotes van dodgy douaneposten… De verhalen kwamen uit allerlei hoeken en spleten gekropen. Het was een zeer grote koffie, uit een mok met twee oren, om die zonder spierverrekking naar de mond te kunnen brengen. Vreemde manier van koffie serveren, vonden we, hier in Montenegro. Och ja, een reiziger, zeker een die met de fiets reist, moet flexibel zijn, ook wat zijn koffie betreft.
Het kleine Balkanland zou een zonzekere bestemming zijn eind mei, zo had ik gehoopt. Ik had, meer uit schrik voor overbepakking dan uit optimisme, muts noch regenbroek mee voor tijdens het fietsen. Dan zou het ook wel niet regenen, dacht ik. Zo werkt het klaarblijkelijk niet.

Na Tivat ging het in de regen rond de mooie baai naar het ommuurde stadje Kotor, waar ooit de Venetianen de plak zwaaiden. De volgende dag klommen we de 25 haarspelden (flexibel zijn!) naar Lovcen, in de regen.
Weer wat verder in Montengro gingen we op weg naar Kolasin in een eenvoudige herberg schuilen. Een oud dametje was zo lief om de deur van de grendel te halen en de stoof aan te steken. Ze trok met haar rubberlaarzen geregeld naar buiten om extra hout te halen. Dan ging ze rustig weer zitten aan haar fornuis, en roerde ze nog eens in haar kopje, waarbij ze af en toe wat van de drab uitgoot op een schoteltje. Ze tuurde en tuurde maar in dat opdrogende koffiegrut. Na enkele uren – het bleef regenen – kwam het besje ons een wat onscherpe foto van haar zoon tonen. De hoogbejaarde waardin vroeg of Tine niet geïnteresseerd was om haar schoondochter te worden. Voor het aanzoek al te concreet werd (we zagen al een bruidsschat met een kudde schapen voor ons), stapten we maar weer op de fiets. Dat koffiedik had ons alleszins voorspeld dat het nog wel even zou regenen. Nat zouden we toch worden.

Denk nu niet: och, de sukkels, zo altijd maar in de regen fietsen. Het staat hier een beetje aangedikt, en de natuurpracht van Montenegro maakte alles goed. Want sjonge, wat is dit een mooi land. Het traject dat wij fietsten kende zijn letterlijke en figuurlijke hoogtepunt in Durmitor. Het weggetje omheen dat massief klom naar 1940 meter en was nog maar enkele dagen helemaal sneeuwvrij gemaakt. Klimmen gaat traag, maar mits geduld en flexibel zijn lukt het wel. Boven op de bergpas dronken we een zelfgestookte koffie – a coffee with a view. De zon scheen.

25/05/2012: Tivat
26/05/2012: Tivat – Kotor: 40km, 2u35, 15,4 km/u gem.
27/05/2012: Kotor – Podgorica: 84km, 6u18, 13,3 km/u gem.
28/05/2012: Podgorica – Klopot: 27km, 2u46, 9,7 km/u gem.
29/05/2012: Klopot – Kolasin: 53km, 4u31, 11,7 km/u gem.
30/05/2012: Kolasin – Rasova: 80km, 5u40, 14,1 km/u gem.
31/05/2012: Rasova – Zabaljak: 19km, 1u37, 11,7 km/u gem.
01/06/2012: Zabaljak – Trsa: 50km, 4u11, 11,9 km/u gem.
02/06/2012: Trsa – Miljevina: 80km, 5u54, 13,5 km/u gem.
03/06/2012: Miljevina – Sarajevo: 84km, 5u43, 14,6 km/u gem.