• 20x30_19
  • 10x15_1
  • 10x15_2
  • 10x15_3
  • 10x15_4
  • 10x15_5
  • 10x15_6
  • 20x30_2
  • 20x30_3
  • 20x30_4
  • 20x30_5
  • 20x30_6
  • 20x30_7
  • 20x30_8
  • 20x30_9
  • 20x30_10
  • 20x30_11
  • 20x30_12
  • 20x30_13
  • 20x30_14
  • 20x30_15
  • 20x30_16
  • 20x30_17
  • 20x30_18

Met de fiets op stap in de Balkan

 

Van superasfalt tot ripio+ in Bulgarije

Nadat German Wings ‘deine flügel’ ons en onze fietsen veilig in Sofia had afgezet, kon onze balkantrip echt beginnen. Een ondernemende Bulgaar zocht geschikt vervoer voor onze bagage, de taxi’s bleken helaas te klein. Enige tijd later reden we, na een eerste keer te zijn afgezet, met een fietsdoos in en een andere op het dak van de auto, het centrum van Sofia binnen. We werden in onze chambre d’hôtes door een bejaard vrouwtje in peignoir verwelkomd, de vriendelijke dame leek net uit een film van Kislowski te zijn gestapt. Na de montage van onze rijtuigen waren we klaar voor vertrek. Sofia uit fietsen liep vlot. ’t Is te zeggen we vonden snel de juiste weg, deze was echter sterk oplopend. Nadat we de buitenring hadden gedwarst, niets meer dan een modale dorpstraat in de Vlaanders, kwamen we al snel in de natuur terecht. Bularije bleek een bosrijk land te zijn. De omgeving kleurde dan ook vooral groen. Onderweg hadden we enige moeite om onze inkopen te doen. De winkels zagen er eerder uit als Vlaamse dorpscafés en het Cyrillisch schrift bracht weinig verheldering. We hadden ons voorgenomen het de eerste dagen rustig aan te doen en op onze Reise Know How-kaart stond een camping aangeduid naast een stuwmeer – een eerste voorbeeld van Duitse Gründlichkeit: er was helemaal geen camping. The Lonely Planet beweert dat met de teloorgang van het communisme campings in verval zijn geraakt. Soit, Tine had nog nooit wild gekampeerd. Tijd om daar verandering in te brengen: we sloegen een verlaten slag in en vonden een verlaten plekkie. De volgende ochtend trokken we het Rila Nationaal Park in. Het inwinnen van wat nuttige informatie (in het Bulgaars) onderweg belette ons niet een nutteloze klim van 7km op te fietsen. Niet dat het er niet schoon was, maar de weg liep dood. Uiteindelijk vonden we de weg naar Vada. De asfaltweg van onze kaart bleek in de praktijk niet meer dan een karrenspoor te zijn. 4km verder bereikten we een hut waar we voor een driesprong stonden. De eerste leed letterlijk tot niets, de tweede bleek onmogelijk voor fiets en bagage en leed waarschijnlijk ook tot niets. Na een uur duw- en trekwerk over ripio + stonden we 2km verder op de top van optie 3. Dank u Reise Know How. Een lange afdaling volgde, tot onze verrassing over hypermodern asfalt. We trakteerden onszelf in het volgende stadje met een lekker maal, wederom niet evident aangezien de menukaart enkel in het Cyrillisch schrift was op gesteld. Als wildkampeerplaats kozen we deze keer voor een idyllische appelboomgaard. De volgende etappe zou ons naar de Repulika Macedonia brengen. Via rustige wegen doorheen een glooiend landschap passeerden we enkele authentieke dorpen. De auto maakt hier plaats voor paard/ezel en kar, de spoorslagbomen worden manueel bediend en veel toeristen hadden ze nog niet gezien. Naar goede gewoonte veranderde de goed geasfalteerde weg naar ripio+. Tijd voor ons dagelijks uurtje wandelen, het trek- en duwwerk kon beginnen. Het blijft daarenboven erg moeilijk het juiste spoor te volgen wanneer je van de wegbeschrijving van de lokale bevolking geen jota begrijpt. Indien de kennis van de talen alhier van de EU-commissarissen even goed is als deze van ons kunnen ze nog lang zoeken naar Mladic. Om verdere risico’s te beperken begaven we ons een 10-tal kilometer op de plaatselijke E40. Zouden we op de lokale radio bij de verkeersinfo zijn vermeld? Na een maaltijd in Blagoevgrad waren we klaar voor een klim van 25km naar de Macedonische grens. De zon was zo sympathiek om ongenadig hard te schijnen. Tja, IJsland was onze andere optie. Hier is een grens nog een grens, er wordt wat gestempeld waarna we in dalende lijn (? 70km/u) Delcevo binnenreden. We vonden van onszelf dat we hard genoeg stonken om een hotelkamer te boeken.

Zdravo Macedonia

De nacht in onze hotelkamer werd opgevrolijkt met traditionele Macedonische muziek. Ze trouwen hier blijkbaar op woensdag en hebben hun muziek graag luid. Onze kaart van Macedonië (GiziMap) is een stuk gedetailleerder dan deze van Bulgarije en dat gaf ons voldoende vertrouwen om nog ‘ns voor een secundaire weg te kiezen. Bij het buitenrijden van Delcevo stopte de asfalt echter abrupt en een herder maakte ons duidelijk dat de weg ‘kaput’ is. We vonden het nog te vroeg op de ochtend voor een wandeling. Op naar de geasfalteerde hoofdweg. Op de oude Brusselsesteenweg viel het verkeer best mee en was het landschap daarenboven bijzonder smaakvol. De Macedonische medemens is vriendelijk. Allé, dat veronderstellen we toch, we hebben er eigenlijk het raden naar van wat Maria en Franske ons in hun levendige monologen probeerden duidelijk te maken. Onze bijdrage beperkt zich tot een poging op het juiste moment ‘België’ te zeggen. Op het einde van de rit vonden we andermaal een meer dan idyllische wildkampeerplaats, met een fantastisch zicht op het dorre landschap. Na 2 dagen Macedonië is het vertrouwen in de kaart definitief gefnuikt. De wegen zijn er zo min of meer opgesmeten. Zo eindigde onze geafalteerde weg deze morgen plots na 9 km. Soit, dit hoeft geen tegenvaller te zijn. Het vervolg was een bijgestelde route via een verbindingsweg in ripio. We belandden in dorpen waar de tijd is blijven stilstaan, Bokrijk oogt er hip en trendy bij. Heel bevreemdend maar wel iets voor de meerwaardezoeker. Het landschap is een droge versie van de Provence. Hoofdoorzaak hiervan zijn de extreme temperaturen, Frank raadt ons aan om tussen 13u en 15u geen fysieke inspanningen meer te leveren. Verder hebben we hier een openstaande kwestie: wat en waar eten de Macedoniërs? Iedere stad is hier voorzien van hippe cafés in lounge-sfeer, echter we vinden geen restaurants en zien niemand iets eten op terras. Volgens ons is Mladic al lang van de honger omgekomen. De nacht brachten we door aan de rand van een wijngaard in onze sauna-tent. Jawel ze bestaan, de sauna-tenten, verkrijgbaar bij Decathlon, licht en niet duur, dit zijn de voordelen. De tot dusver ontdekte nadelen: geen gaas, binnen- en buitentent integraal gecoat bijgevolg biedt de tent het comfort van slapen in een plastiek zak. Daarnaast biedt deze ruime 2-persoonstent voldoende ruimte voor 1 lilliputter en zijn bagage. Tips voor lichte, ruime 2-persoonstenten kunnen steeds worden doorgegeven. De volgende ochtend, er stond een halve rustdag op de planning. Een col scheidde ons van Prilep. Na x aantal kilometers verlieten we de hoofdweg en kozen we resoluut voor de ripio. Onderweg geraakten we verzeild bij een local, Stojan, getooid in militaire broek en nationalistisch t-shirt. Deze bizarre maar heel vriendelijke persoon was 2 jaar terug gestart met zijn project: het creëren van een aards paradijs in the middle of nowhere. Tot zover ons plan om in de relatieve koele ochtend wat kilometers te maken. Stojan, had de voorbije jaren wellicht weinig ‘aanklap’ gehad en hield ons gedurende ruim een uur vast op zijn landgoed. De alternatieve route, doorheen een stuk prachtige natuur, bleek vandaag ook de pelgrimsroute van dienst. Twee augustus is hier blijkbaar een religieuze feestdag. Aangezien we nauwelijks onze weginfo verstaan, begrijpen jullie best dat we momenteel niet dieper kunnen ingaan op de aard van dit feest. Het overwinnen van de col vergde toch nog een behoorlijke fysieke inspanning. Na 30 km hadden we een gemiddelde snelheid van ruim 9km/u. Prilep blijkt een grote, levendige stad te zijn. Ons ‘voedselprobleem’ werd hier dan ook snel opgelost.

Macedonia, gastvrijheid ten top

Bij het buitenrijden bleek Prilep het Wervik van Macedonië te zijn: tabaksvelden alom. Een rookverbod is in de Balkan nog nergens van toepassing, meer zelfs, roken blijkt hier zowat de nationale sport. Wij blijven, tot eenieders verbazing, de aangeboden sigaretten voorlopig beleefd weigeren. De snelheid van het verplaatsen is een variabel gegeven en valt vooraf moeilijk tot niet uit de wegenkaarten af te leiden. Vandaag liepen de eerste 80km van een leien dakje. Buiten het nuttigen van enkele bijzondere smaakvolle cappuccino’s valt er over de zondagse ochtendetappe weinig bijzonders te melden. Wanneer we de afslag naar Debar nemen volgen we, hardleers zoals we zijn, de rustige mooie asfaltweg. Onderweg begroeten we iedereen met een vriendelijke ‘zdravo’. Op het einde van het dorp vragen we toch nog ‘ns of we de juiste richting uit fietsen, neen dus. We draaien onze vehicules 180 graden en groeten andermaal alle dorpsbewoners. De cruciale afslag bleek een zandwegel te zijn tegenover het politiekantoortje. Met veel moeite maakten we de gezagsdragers onze plannen duidelijk. Neen, we zijn niet per se op zoek naar goed geasfalteerde wegen, eerder naar een mooi alternatief door een stukje natuur. De politionele macht nodigde ons uit voor een koffie (lees: ondrinkbare cichorei) en hield terwijl iedereen staande in de hoop een Engelse tolk te vinden, wat na verloop van tijd ook nog bleek te lukken. De arm der wet vond het uiteindelijk geen goed idee om de tocht ’s avonds aan te vatten, maar dit waren we ook niet van plan, de volgende pbp is tenslotte pas in 2011. We sloegen onze tent op op het speelterrein van een vervallen schooltje. Ondertussen was de wissel van de wacht bij politie gebeurd. Prompt werden we uitgenodigd voor een tweede koffie (zie vorige). Verder socializen we de rest van de avond met de lokale bevolking. Inderdaad, België zeggen op het juiste moment. Ondertussen proberen we verdere koffieaanbiedingen beleefd af te slaan. Bij wijze van cadeau krijgen we nog een watermeloen van 12 kg, ideaal voor de klim van morgen. Voor vandaag waren ons everzwijnen, beren en wolven beloofd. De weg naar de col Jama werd na verloop van tijd een pad. Dit pad liep gestaag door de bossen omhoog. De ordehandhavers hadden ons gisteren verteld dat de verhouding wandelen fietsen fifty-fifty zou zijn. Niet dus, we konden hele traject al tripplend fietsen of maw eens geen wandeling vandaag. Wat het gespotte wild betrof, boven op de col kwamen we aan 5 salamanders en een dode mol, dat een mens daarvoor naar de Balkan moet komen. Enigszins tot onze verbazing bevonden we ons op 1500m nog steeds te midden de bossen. Bomen, bomen, bomen, maar helaas geen vergezichten. Met dank aan de combinatie magura-remmen en voorvering daalden we gezwind de stenige ripio af. Het Mavrovo nationaal park lieten we verder voor wat het was en fietsten via Debar Albanië binnen.

Albanië, land van Mercedes en bunkers

Meteen aan de grenspost wordt duidelijk dat de kleine oud-Joegoslavische auto’s werden ingeruild voor Mercedessen. Op straat zie je hier het volledige gamma van Mercedes van de voorbije 30 jaar. Het lijkt ons in deze context niet meer dan logisch dat DMS Albanië een mooie toekomst voor zich heeft. De asfaltweg naar Peshkopi was door de kaartmakers een 15-tal kiometers onderschat en bleek in de praktijk ook vrij geaccidenteerd te zijn. Behoorlijk murw en ietwat onwennig reden we onze eerste Albanese stad binnen. Winkeltjes genoeg maar het aangeboden assortiment is eerder beperkt. We vertrokken met brood, choco, een saucisson en 8 liter water naar de Drini rivier. Het landschap is hier een stuk bergachtiger en wat meteen opvalt zijn de talloze bunkers. De bolvormige bouwsels werden tussen 1950 en 1985 op bevel van Enver Hoxha gebouwd. Deze stalinistische communist regeerde 40 jaar met ijzeren hand over Albanië. Alles samen staan er 700.000 bunkers verspreid over Albanië. De ingenieur die ze ontwierp moest bij wijze van degelijkheidstest zelf plaatsnemen in een bunker terwijl die werd gebombardeerd door een tank. We vonden een perfect kampeerplaatsje pal naast de Drini rivier. Net iets te pal, zo bleek wanneer het water plots opkwam. Onze spullen konden we nog net op tijd naar drogere oorden verplaatsen.

Albanië, langs het jaagpad van de Drini të zi.

Op aanraden van Heidi en Steven, die vorig jaar 3 maanden in de Balkan fietsten, volgden we de secundaire weg langs de Drini tussen Peskhopi en Kukès. De weg bestaat uit 70 km ripio. Het kleurenpallet bestaat uit groene bomen, grijze rotsen, rode aarde en een blauw-groene rivier. Het resultaat is een adembenemende omgeving. De eerste kilometers kruisten een aantal busjes (Mercedes natuurlijk) met pendelaars onze weg, daarna werd alles desolater. Slechts nu en dan passeerden we nog een dorpje met enkele huizen en mannen te paard. De weg volgt de Drin soms vrij dicht, op andere momenten kronkelt hij de bergen in. Na zo’n kronkel was het tijd voor de siësta, de watervoorraad was ondertussen flink geslonken. De rivier zag er uitnodigend uit en Wim trekt prompt zijn zwembroek aan, al even prompt duiken er uit het niets een aantal jonge mannen op. We hadden hier willen schrijven dat een boeiend gesprek volgde, echter, zij spraken enkel Albanees. Wim voelt zich ondertussen wat onwennig in zijn zwembroek, zij zagen dit blijkbaar ook en stelden voor om samen een duik te nemen. Tine mocht op de spullen passen. Onze fietstocht vervolgden we met een nieuwe klim. Deze bleek langer te duren dan initieel ingeschat: 2u later stonden we 9 km verder totaal uitgedroogd op de col. Het resterende stuk verliep in dalende lijn naar Kukès, alwaar we ons trakteerden op een hotel en een rustdag.

Ontmoeting met een Nederlandstalige Albanees bij een Turkse koffie in Kosovo

Kukès verlieten we over een weg in aanleg, voorziene einddatum van de werkzaamheden: 02/2008 (vermoedelijke einddatum volgens onze inschatting 02/2012). 90% van de wegen waarover wij hebben gefietst in Albanië waren ripio, het resterende % was asfalt in bedenkelijke staat. Aan de grens werden we in het Nederlands aangesproken door een Albanese taxichauffeur. Onderweg kruisten we elkaar nog een aantal keer en in Prizren werden we door hem op een koffie uitgenodigd. De man in kwestie wou per se nog ‘ns Nederlands praten. Hij had een 4-tal jaar in Nederland gewoond tot zijn ouders hem terugriepen om te trouwen. Hij bevestigde dat het momenteel zeer moeilijk leven is in Albanië, de hoofdoorzaken zijn volgens hem enerzijds de slechte (lees: ontbrekende) infrastructuur en anderzijds de ondermaatse kwaliteit van het onderwijs door onderbetaalde leerkrachten (alleen een goed verlofstelsel is blijkbaar toch niet overtuigend genoeg). De taxichauffeur ziet voor hem en zijn gezin enkel een toekomst in het buitenland. Albanië heeft toch wel een aparte indruk op ons gemaakt. In Albanië is de meerderheid ‘gematigd’ moslim, in de andere Balkan-landen waar we doorheen fietsten is er een grotere spreiding van verschillende religies. In Kukès werden we ’s morgens gewekt met Koranverzen en waren vrouwen en meisjes opvallend afwezig in het straatbeeld.

Kosovo, kogelvrije vest vs marcelleke

Onmiddellijk na het binnenrijden van Kosovo kwamen we enigszins tot onze verbazing terug in de westerse wereld terecht: goed geasfalteerde wegen, cafés en restaurants, supermarkten, sporterreinen en openlucht zwembaden, … Maar bovenal is er de nadrukkelijke aanwezigheid van militairen (KFOR, UN, militaire politie). We wisten natuurlijk van hun aanwezigheid in Kosovo. We hadden echter niet verwacht dat hun impact op het straatbeeld zo groot zou zijn: 1 op 5 voertuigen blijkt van het militaire type te zijn (jeeps, pantserwagens, hummers,…).Na Prizren stond een klim naar 1500m op het programma. Het landschap deed bijzonder Frans aan, het had de Croix de Fer kunnen zijn. Na klimmen volgt dalen, gezwind zoefden we naar beneden. Het Franse gevoel verdween zeer plots toen we tot 2 maal toe een wegversperring passeerden: Friese ruiters, een gecamoufleerde tank en een aantal gewapende militairen. Toen we even later een militair konvooi kruisten, voelde Wim zich wel heel onwennig op zijn fiets in zijn marcelleke. We vroegen ons meermaals af of we hier als toeristen wel op onze plaats waren. Wildkamperen leek ons in deze context een minder voor de hand liggende optie. In het volgend dorp vroegen we een inwoner naar een geschikte kampeerplaats waarop hij ons bij hem thuis uitnodigde. De man sprak vlot Engels (hij werkt voor KFOR) waardoor we veel over zijn land te weten kwamen. Hij vond het niet meer dan evident ons uit te nodigen. Europa doet zoveel voor zijn land en zo kan hij iets kleins terug doen. We werden er bijzonder gastvrij ontvangen, kregen eten, drinken, een douche en de grootste kamer. Onze gastheer is even oud als wij en vocht eind de jaren 90 mee met de UCK (Krieg ist Krieg, meer details gaf hij niet). Al bij al klonk hij zeer gematigd. Volgens hem is de situatie nu vrij stabiel en heeft de KFOR momenteel enkel nog een controlerende functie. Mede sinds de onafhankelijkheid gelooft hij rotsvast in de toekomst en de mogelijkheden van zijn land. In de loop van de avond werd duidelijk dat vrouwenemancipatie hier nog in haar kinderschoenen staat. Mannen worden hier nog gediend, eten en tv kijken zijn zowat hun enige huishoudelijke taken. Een man kan ook van tafel gaan als zijn vrouw nog moet beginnen eten. Wim volgde deze plaatselijke gewoontes met meer dan gebruikelijke interesse, Tine met enige argwaan. Ons verblijf in Kosovo was van korte duur, de volgende morgen klommen we naar de grens van Macedonië. Niettegenstaande dat we fietsten op lekkerlopende asfalt en het stijgingspercentage best te overzien was, vergde de klim behoorlijk wat inspanningen. De hitte, eenzijdige voeding en intensieve fietskilometers van de voorbije dagen beginnen blijkbaar hun tol te eisen. Via een mooie stenige short-cut fietsten we naar Skopje. Het was een blij weerzien met de lounge-sfeer op de vele terrassen. We houden hier dan ook 2 dagen rust.

Congé in Skopje

We hadden een uitvalsbasis gevonden in een familiaal hotel in een residentiële buurt aan de rand van de stad. Wanneer we niet sliepen ‘verkenden’ we van hieruit Skopje. De stad wordt in twee gedeeld door een rivier, de Vardar. Deze zorgt ook voor een ideologische opsplitsing. In het noordelijke gedeelte zijn voornamelijk Albanezen gehuisvest. In het zuidelijke gedeelte Macedoniërs. De verschillen zijn opvallend. Het noordelijke deel: mannen met koffie op terras, vrouwen met hoofddoek in lange pardessus, kleine bazaars, ’s nachts stikdonker, kebab- en pittakraampjes, moskees met minaretten, … Het zuidelijke deel: mannen en vrouwen met cocktails en halve liters in lounge-zetels, vrouwen in frivole topjes met bijpassend schoetje, shopping mall met oa Camper, Mexx, Nike, … ’s nachts helverlicht door neonreclame, restaurants met uitgebreide menukaart, een verlicht kruis boven op de helling, … Ondanks deze frappante verschillen slagen beide helften er blijkbaar in om harmonieus samen te leven. Misschien moet onze federale regering ad interim maar ‘ns een werkbezoek plegen. Betreffende onze financiën: naast de zon, de sympathieke mensen, de mooie omgeving is een van de charmes van onze reis het feit dat we hier bijzonder weinig geld verdoen. De koopkracht voor een rijke westerling is hier geen probleem en dit is een leuke extra aan reizen in de Balkan. Gemiddeld kost hier alles zo ongeveer de helft van in België. O ja, er vielen zondagmorgen warempel 10 druppels regen.

Tot ziens Macedonië

Skopje uitfietsen tijdens een maandagochtendspits viel al bij al nog mee. Binnen het uur was dit varkentje gewassen. We namen een alternatieve route naar Kumanovo. Deze verloste ons niet enkel van het drukke verkeer, maar het was er ook heel mooi fietsen door het typische heuvelachtige en dorre Macedonische landschap. De voorbije dagen hadden we koortsachtig naar alternatieven gezocht, maar voor het traject Kumanovo – Bulgaarse grens zat er niets anders op dan de E40 alhier te volgen. We hadden ons dan ook mentaal voorbereid op auto’s en camions die aan hoge snelheid op nauwelijks een halve meter langs je heen zoeven. Vrij snel werd duidelijk dat we ons voor niets zorgen hadden gemaakt. Er passeerde hoogstens iedere vijf minuten een voertuig. Het eerste stuk van de weg leidde ons door een godvergeten stuk Macedonië. Buiten een benzinestation zagen we er niets of niemand. Het tweede deel kronkelde mee met de Kriva Reka-rivier. De omgeving was er een stuk vruchtbaarder en bijgevolg bewoond. De nieuwere autostrade bleek een afgevlakte versie van de oude weg te zijn. Het rollercoaster-effect is, net als de te leveren inspanning, iets minder. In Kriva Palanka gaven we onze laatste Maceonische denars uit en gingen op zoek naar een geschikte wildkampeerplaats. In deze smalle vallei was dit niet vanzelfsprekend. Het duurde ruim anderhalf uur voor we een min of meer vlak stuk gras hadden gevonden van een vierkante meter. Het resultaat mocht er uiteindelijk al bij al wel wezen. Voor we de volgende morgen de Bulgaarse grens bereikten mocht er nog een 7-tal km stevig geklommen worden. Dit was zowat de enige fysieke inspanning van de dag. Er wordt wat afgerust deze dagen. Doordat we gisteren verder gefietst zijn dan gepland, geraakten we vandaag met een minimum aan pedaalslagen in Kjustendil, Bulgarije.

Bulgarije op de “kolelo”

Kjustendil bleek zowaar een gezellige stad, in tegenstelling tot de Bulgaarse steden die we de eerste dagen doorkruisten. Veel groen in het stadscentrum, weinig grauwe oostblok-buildings, een verkeersvrij centrum en bovendien waren de Macedonische lounge-terrassen tot hier doorgedrongen. De afstand tussen Kjustendil en Sofia bedraagt amper 90km, via de hoofdweg weliswaar. Wij waren echter van plan om ook de resterende dagen eerder rustige secundaire wegen op te zoeken, gebrekkige asfalt en wat extra kilometers namen we er graag bij. Het aantal vlakke kilometers op onze rondtrip is op één hand te tellen, we waren Kjustendil amper buiten of de ketting kon vooraan terug naar het kleinste tandwiel. Na deze eerste klim verliep de tocht over glooiend terrein via een aantal slapende dorpen verder. We hadden de seista voorzien aan de oever van het meer Jaz Pcelina. We zagen in de verte een idyllisch vissersdorpje liggen, naarmate we deze bestemming naderden begonnen we te fantaseren over uitgebreide visschotels en verse ijscoupes. Helaas, dit is nog steeds Bulgarije, we kwamen terecht in een oud-communistische vakantiekolonie. Soit, de halve liter bier bij de picknick smaakte er niet minder door. De temperatuur bereikte deze namiddag terug ongekende hoogtes. Het was geen weer om een hond door te jagen, we vluchtten naar een schaduwrijk plekje. Door lamheid geslagen waren we van geen tel meer voor de Bulgaarse economie. In de loop van de middag werden verdere ambities dan ook opgeborgen en we besloten om hier de nacht door te brengen. Rond een uur of zeven waren we klaar voor ons avondritueel op een wildkampeerplaats: een kattenwasje, gezouten chips, een boterham met saucisson, tanden poetsen, tent opzetten en erin duiken. Echter, we werden tijdens ons ritueel gespot door een bolbuikige Bulgaarse boer met walrussnor, op weg met zijn 2 koeien naar hun stal. Geen idee wat de conversatie inhield. Feit is dat de boerin even later opdook en Tine bij de hand naar het erf leidde. Voor we het goed en wel beseften zaten we met een glas Mastika (47 graden) in de hand. Ondanks de sterke drank kwamen de tongen niet echt los. In de Lonely Planet staan er wel zinnen als “Can I breastfeed here?” vertaald, maar daar schoten we weinig mee op. Bovendien schudden ze van “neen” wanneer ze “ja” zeggen en vice versa. Probeer maar ‘ns. De maaltijd werd gestaag opgebouwd (inderdaad, we hadden al gegeten). Na de antipasta volgde het hoofdgerecht, daarna verse yoghurt (yoghurt is trouwens Bulgaars van oorsprong). De gepensioneerde boer is er trots op dat alles eigen kweek is. Voor onze grootouders moet het leven op een kleine Bulgaarse hofstede wellicht herkenbaarder zijn dan voor ons: geen stromend water, hudo, kleine ruimtes, sjofel meubilair maar wel satelliet-tv en gsm. De boer beschikt over een stevig paar werkmanshanden, serieuze schoppen waar meer water in kan dan in een design-lavabo. Het leven aldaar zag er alles behalve rijk maar wel gezellig uit. Opvallend voor ons was, na onze doortocht doorheen een aantal gematigde moslimlanden, de rechtgezette man-vrouw verhouding. Tafelen is hier terug een gezellig samenzijn. Na nog een kop koffie met vers getapte melk vertrokken we voor de laatste etappe richting Sofia. Hoofdwegen vermijden werd moeilijker maar we hielden vol. Een stijgende weg over geasfalteerde ripio leidde ons uiteindelijk naar de hoogstgelegen Europese hoofdstad. Met ruim 1200 kilometers op onze teller sluiten we deze mooie en zonnige Balkantrip af.


28/07/08, Sofia – Samokov: 73 km | 4u10min | 17,5km/u gem.
29/07/08, Samokov – Dupnica: 81 km | 5u57min | 13,6km/u gem.
30/07/08, Dupnica – Delcevo: 87 km | 6u18min | 14,4km/u gem.
31/07/08, Delcevo – Stip: 106 km | 5u23min | 19,7km/u gem.
01/08/08, Stip – Drenovo: 86 km | 5u51min | 14,6km/u gem.
02/08/08, Drenovo – Prilep: 43 km | 3u48min | 11,3km/u gem.
03/08/08, Prilep – Isvor: 92 km | 4u56min | 18,5km/u gem.
04/08/08, Isvor – Rreth-Kolaj: 95 km | 7u20min | 13km/u gem.
05/08/08, Rreth-Kolaj – Kukès: 75 km | 7u30min | 10km/u gem.
07/08/08, Kukès – Soponicë: 110km – 7u10 – gem 15km/u
08/08/08, Soponië – Skopje; 70 km – 5u gem -14km/u
11/08/08, Skopje – Kriva Palanka: 118km – 7u11 – gem 16.3 km/u
12/08/08, Kriva Palanka – Kjustendil: 30km – 1u50 – gem 16.5km/u
13/08/08, Kjustendil – Jaz Pcelina : 67km – 4u27 – gem 14.9km/u
14/08/08, Jaz Pcelina – Sofia : 63km – 3u37 – gem 17.2km/u

13 gedachten over “Met de fiets op stap in de Balkan

  1. gezien enige recente Russische ervaring met het cyrillische schrift kan ik jullie al op weg zetten met volgende 3 tips: een A is een a en een O is een o en een restaurant is ????????. Bij het zoeken van eten kan dit jullie hopelijk een beetje helpen :).
    Als er in een ruime 2-persoonstent maar plaats is voor een lilliputter en zijn/haar bagage dan is het toch duidelijke dat de reus voor de tent (eventueel aangelijnd) moet slapen.
    Enne dat jullie niet weten dat op 2 augustus ene Barbara gevierd wordt, is er toch wel een beetje over, vind ik.

    amuseer jullie, toon

  2. ik zal jullie niet elke dag ambeteren met tips maar gezien enige russische ervaring, kan ik jullie informeren dat er slechts 2 soorten wegen zijn. Trek jullie om te begingen niets aan van wat er op diverse kaarten staat, vervolgens zijn er enkel hoofdwegen en die zijn steeds geasfalteerd, de kwaliteit van de asfalt kan varieren.
    Wat over blijft zijn zijwegen en deze zijn tot nader order niet geasfalteerd.
    Samengevat: hoofdweg = asfalt, geen asfalt = geen hoofdweg, uitzondering: geen asfalt kan ook hoofdweg in een of ander fase van herstelling zijn.

    ??????? ???, toon

  3. We genieten mee met jullie fantastische fietsreis! En dat je toch voldoende eten vindt, en dat je je af en toe kan wassen! En dan onder de appelboom liggen waar het fruit je zomaar in de mond valt.
    We zien erg uit naar het mondelinge verslag!
    Moeder en vader

  4. Yow yow yow 🙂

    Vandaag kutweer (brandweer in de straat geweest voor overstroming; niet bij ons, oef) dus computer aan. Alles gelezen en bekeken. Schoon! Spannend! Lastig! Onvergetelijk!

    Fiets ze en tot de fin de saison!

    Kathleen

  5. Dag lieverds,

    Richting Bulgarije, dat lijkt mij ook richting einde vakantie? Omdat jullie niet al te zeer zouden schrikken als jullie landen een overzichtje van wat jullie hebben gemist:
    – Belgi? bestaat nog steeds! Het schijnt zelfs dat Yves Leterme nog steeds premier is.
    – Belgi? heeft nog steeds geen medaille op de spelen. Dat zal gelukkig beteren eens Belgi? niet meer bestaat en we onder Vlaemsche vlag varen.
    – Hetzelfde geldt trouwens voor het weer. Nu nog typisch Belgisch zomerweer: een graad of 17, windkracht vier en als het niet regent, dan giet het. Maar Bart De Bever heeft beloofd dat de Vlaemsche zomers stukken beter zullen zijn!
    – De Russen en de Georgi?rs zijn het vechten al beu, de mietjes. Hoog tijd dat de onderhandelingen over B-H-V dus opnieuw beginnen hier.
    – Oh ja, een beetje geduld met de bagage op Zaventem: ze hebben er net drie dagen gestaakt, dus er staan nog wel een paar duizend stuks te wachten.

    Dat was het zowat. Wij zijn het hier alvast een beetje beu, en rijden vannacht 1200 km zuidwaarts. Om daar hopelijk wat echt zomer- en fietsweer te treffen.

    Tot gauw!

    R. en P.

  6. Nog twee keer slapen en dan zijn jullie terug thuis! Zal dat gaan? Zullen jullie niet te veel verlangen naar de gastvrijheid en de hartelijlkheid van al die mensen die jullie wegen doorkruisten?
    Wij zullen proberen in en aan te vullen!
    Nog heel veel liefs, een dikke kus en tot gauw
    Moeder en vader

  7. Dag Wim,

    Voor mij is de trip ook gedaan, het is wel wennen om niet meer te moeten fietsen ieder dag. Ik denk dat jullie de juiste periode hebben uitgekozen, want het weer sucks hier. Maar ja, ondertussen wel al weer 450km op de teller. Zeg, een 1,5H om een plaats te zoeken voor de tent!!!! Dat is wel lang h?. Dat is 30km dat je extra kon rijden.
    Kom veilig terug thuis, en we spreken wel nog eens af.

  8. Dag Tine & Wim

    Heel jullie reis gevolgd via het net, leuk om jullie verslagjes te lezen! Wij doen het hier rustig aan: Hugo heeft vorig weekend de Dodentocht uitgestapt en kan voorlopig niet veel meer dan strompelen…
    Tine, ben begonnen in ‘Extremely loud and incredibly close’ en het lost de hoge verwachtingen in!

    Nog een goede terugreis en tot gauw!

  9. Allez, Jullie kunnen nu ook al weer de volgende reis plannen en organiseren. Leuk te horen dat het weer zo fantastisch was. Ik had veel minder suc6 op mijn trip soit, hopelijk beter weer de volgende trip in de US. Zeg wim als jullie thuis zijn komen jullie dan eens langs op de borrel. Dan kunnen we nog eens napraten over de beide trips en de komende HaHaHa. Allez tot later dan; En kom veilig thuis met al die Mastika.

  10. Dag Wim

    Ik zie dat ge toch nog voor WordPress gevallen zijt en dus mijn tip van in de tijd bij DMS niet vergeten zijt 🙂

    Groeten van Mika en geniet nog van je vele reizen, ik zal ze weer proberen te volgen!

  11. Beste Tine en Wim

    Mijn complimenten voor jullie leuke site. Ik heb jullie Balkan tocht met veel interesse gelezen, omdat we ( mijn partner Ria en ik) komend jaar in mei/juni van Dubrovnik naar Sofia willen fietsen. Daarbij had ik ook het stuk van Kukes naar Sofia in gedachten dat jullie hebben gereden; zij het met een omweg van Prizren via Decani , Titova Mitrovica en Pristina naar Skopje.
    Wij willen bij particilieren overnachten en vragen ons af of dat goed mogelijk is.
    Wij hebben op IJsland gefietst, maar daar geen voorkeur voor onverharde wegen aan over gehouden. We hebben denk ik dunnere banden dan jullie (nl 37-622). We vragen ons af of de doorgaande routes zo druk zijn dat je daar liever niet fietst. En waar zijn dan goede alternatieven? Uit jullie routekaartje lijkt het dat je vaker de hoofdroute gevolgd heb dan ik uit de beschrijving opmaak.
    Ik zou het leuk vinden om fietservaringen uit te wisselen.

    Met vriendelijke groeten

    Sjaak Doornekamp
    Vleuten, Nederland

  12. Beste Wim,

    Wij zijn op zoek naar de mensen die 20 jaar terug mee waren op basiscursus met de CM.

    We plannen op 17/10 in Kortrijk een re?nieke.

    Laat je ons aub even weten of jij deze Wim bent die op onze lijst voorkomt?

    Thanks.

    Met de beste groeten.

    Marian Cruts, Pat Leroy, Tine Devisschere & Nathalie Deschamps

Reacties zijn gesloten.