• DSC01560
  • DSC01568
  • DSC01576
  • DSC01579
  • DSC01583
  • DSC01596
  • DSC01599
  • DSC01610
  • DSC01615
  • DSC01413
  • DSC01415
  • DSC01423
  • DSC01429
  • DSC01445
  • DSC01454
  • DSC01458
  • DSC01461
  • DSC01462
  • DSC01469
  • DSC01482
  • DSC01517
  • DSC01522
  • DSC01534
  • DSC01550

Mexico – Baja California

 

24/09/2004   San Diego – Rosarito

Vandaag stonden er heel wat “veranderingen” op het programma. De grootste was ongetwijfeld het afscheid nemen van Els (en haar Chevy), de afgelopen maand was bijzonder fijn geweest maar het verlof van Els zit er helaas op. Verder was er ook het afscheid van de Westerse wereld, de Engelse taal, de bagels, het kraantjeswater, de inches, feet en miles, George Bush, … Om 7u45 stond Sarah voor onze moteldeur, een stevige knuffel later zat ik op mijn fiets richting ferry. Door middel van deze korte boottocht konden we de 30 kilometers tot aan de grensovergang op rustige wegen fietsen. Amerika buitenfietsen op een bike lane – zo’n kans kan je niet laten liggen. In Tijuana was het nogal onduidelijk hoe we de grens konden bereiken. We negeerden de verbodstekens en fietsten de autostrade op, langs deze weg geraakten we zonder problemen tot bij de douane. In de grenspost werd ik aangenaam verrast door de verschijning van Els – die 9 maanden waren precies voorbijgevlogen. Op deze manier kon ik ook in de praktijk vaststellen dat Els wel degelijk Spaans spreekt. Ze loodste ons vlot doorheen alle formaliteiten, waarvoor dank. Na een nieuw afscheid fietsten Sarah en ik Mexico binnen. Tijuana binnenfietsen, leek ons niet echt verstandig, dus opteerden we voor nog een stukje autostrade. Het ging er vrij chaotisch aan toe maar uiteindelijk belandden we toch op de highway nr. 1 richting Rosarito. Met een eerste helling werd me duidelijk gemaakt dat Baja toch niet zo vlak is als het jaagpad langs de Schelde. Na elke klim volgt hier gelukkig ook een stukje afdaling en zo bereikten we vrij vlot de eindbestemming van de dag. Velen hadden me vooraf de grensovergang in Tijuana afgeraden maar dat bleek (mede door de hulp van mijn tolk) allemaal bijzonder goed mee te vallen. In Rosarito zochten we een kampeerplaats, een local beschreef ons de weg maar het kostte ons toch nog een halfuur vooraleer we de “campground” hadden gevonden. Deze bleek niets meer te zijn dan het stoffige achtertuintje (met zicht op de Pacific) van een inwoner. Het contrast met het rijke Westen is hier al vrij groot, de arme man bezit buiten zijn caravan waarschijnlijk niets maar zegt wel dat we zelf mogen bepalen hoeveel we hem betalen. We beslissen om 5$ te geven maar het is pas na aandringen dat hij deze ook wil aanvaarden. Misschien wist hij toen al dat we de volgende nacht geen oog gingen dichtdoen. Vrijdagavond is hier duidelijk party-avond en daarvoor is de beach tegenover onze campground blijkbaar de meest geschikte plaats.

 

25/09/2004   Rosarito – Ensenada

Toen ik deze morgen om 6u30 besliste om op te staan, was er op het strand nog steeds luidruchtige beach-party activiteit. Het feit dat het op dat uur nog steeds zo’n 20 graden is, zal daarbij wel een rol spelen. Na een stevig ontbijt waren we niettemin klaar voor de fietskilometers van de dag. In San Diego hadden we vernomen dat er vandaag een georganiseerde fietstocht van Rosarito naar Ensenada was, dit leek ons een gezellige onderneming en dus namen we deel aan deze “toertocht”. De officiële start werd pas om 10u gegeven maar het was het wachten meer dan waard. We vertrokken samen met zo’n 7000 andere wielertoeristen op autovrije wegen, als dat geen luxe was. Het was bijzonder grappig om te zien welk bont gezelschap er aan de tocht deelnam, van de echte pro’s op racefietsen in carbon tot zwaarlijvige bomma’s op mountainbikes uit de beginjaren. De eerste 25 kilometers waren vlak maar daarna moesten we enkele hellingen over, al bij de eerste helling werd er naar hartenlust afgestapt en te voet naar boven gewandeld. De meesten vonden hun eindtijd duidelijk niet zo belangrijk, het was meer een kwestie van het einde te halen. Onderweg moest ik natuurlijk ontelbare keren uitleggen wat ik met al die bagage van plan was, vermoedelijk werkte de bepakte fiets ook op de moral van de vele fietsers die we voorbijreden. Uiteindelijk bereikten we na zo’n 4u fietsen luid aangemoedigd de finish, het zou nog ruim enkele uren duren vooraleer alle deelnemers deze passeerden.

 

26/09/2004   Ensenada – Erendira

We stonden vorige nacht niet op het strand gekampeerd maar helaas was het centrum van Ensenada niet veel rustiger, luidruchtige feestvierders hielden me deze keer tot 5u wakker. Misschien schaf ik me toch maar beter oordopjes aan. Ensenada ligt aan de Pacific, net als ons einddoel maar voor de gezelligheid stuurden ze Highway 1, vanaf hier ook zowat de enige geasfalteerde weg doorheen Baja, toch het bergachtige binnenland in. Vermoedelijk geraakten ze verdwaald bij de aanleg ervan. De eerste kilometers konden we nog van de pechstrook gebruik maken maar het duurde niet lang voor ze deze afschaften, auto’s hebben hier geen pech :-). Het is een kwestie van geconcentreerd fietsen en het wegdek volgen, zeker voor personen die hun helm huiswaarts stuurden. Onderweg werden we bijgehaald door Gerardo, een Mexicaanse Amerikaan die een behoorlijke fan van de fiets bleek te zijn. Hij had o.a. 6 maanden door Europa gereisd om er fietsgewijs alle klassiekers en de Tour de France te volgen. Het was leuk om nog ‘ns met een wielertoerist over de Muur van Geraardsbergen, Alpe d’Huez, Mont Ventoux en vele andere hellingen en cols te praten. We pasten onze route wat aan en kampeerden samen met Gerardo op het strand van Erendida. In het gehucht overtuigde hij een inwoner om voor ons te koken. Mocht mijn kennis van de Spaanse taal ooit beter worden, dan kan ik mijn fornuis alvast huiswaarts sturen.

 

27/09/2004   Erendira – Colonia

De eerste rustige nacht op Mexicaanse bodem heeft me behoorlijk deugd gedaan. Gerardo vond dit nog niet voldoende en stond erop om ons nog een ontbijt te betalen in een restaurantje wat verderop. Na het nuttigen van enkele gekookte cactussen begonnen we uiteindelijk pas om 10u te fietsen. Behoorlijk laat want er stonden meer dan 100 kilometers op de planning voor vandaag. Het werd enkele uren stevig zweten in de middagzon. Toen we de kust terug naderden, zorgde de wind voor wat afkoeling, helaas moest er daardoor ook iets harder getrapt worden. Gelukkig heb ik aan Sarah een goede ploegmaat, elke vijftal kilometers wisselden we elkaar gezwind af. In Colonet bleven we even in het internetcafé plakken, de voornaamste oorzaak hiervan was de 56k telefoonlijn. Daarna moesten we nog 40km fietsen tot in Colonia, een geluk dat de wind ondertussen was gaan liggen want anders konden we in het donker een kampeerplaats zoeken. Net voor zonsondergang reden we Colonia binnen, we konden in een voor renovatie gesloten rv-park terecht. De eigenaars waren bijzonder vriendelijke mensen en bovenal spraken ze een mondje Engels, dit is nog steeds fijn meegenomen.

 

28/09/2004   Colonia – El Rosario

Deze morgen maakten de eigenaars van het rv-park een Mexicaans ontbijt voor ons klaar. Het waren lekkere frieten, maar toen ze uiteindelijk 200 peso’s vroegen (zo’n 20 euro), had ik toch het gevoel dat ze me aan het oplichten waren. Haha, hoor me bezig, de rijke westerling vindt dat hij dat bedrag in het Dagelijks Brood best aan een ontbijt kan spenderen maar op Baja is dat blijkbaar iets teveel. Onze eerste stop hielden we in San Quinten, ik ging er op zoek naar een nieuwe drinkbushouder. Gisteren had mijn houder voor anderhalve-literflessen het begeven – een goede timing, zo net voor een nieuwe woestijn-doortocht. Uiteindelijk kon ik een 2e-handsexemplaar op de kop tikken voor ongeveer 3?, een mooie deal. Toen we San Quinten uitfietsen, maakten ze de weg nog iets smaller, net genoeg plaats voor 2 trucks en net te weinig voor 2 trucks en een fiets. Het was uitkijken geblazen, ik had me in San Diego een achteruitkijkspiegeltje aangeschaft maar de investering van 16$ had het na 2 dagen al begeven. Er zat niets anders op dan op regelmatige tijdstippen het hoofd 180 graden te draaien. Na een uurtje bibberen, passeerden we een paar grote landbouwbedrijven waar enkele tientallen arbeiders tomaten aan het plukken waren, als tiener had ik op deze manier mijn Commodore 128MB bijeen gespaard, maar ik vermoed dat zij het geld voor levensnoodzakelijke middelen zullen aanwenden. Daarna was alle verkeer plots verdwenen en konden we genieten van 20 kilometer prachtige kustweg langs de Pacific. Vooraleer we El Rosario binnenfietsten, moesten we eerst nog een col buiten categorie bedwingen. Het is ondertussen duidelijk dat Mexicanen niet te vinden zijn voor hellingen met een stabiel hellingspercentage, ze verkiezen de variabele versie. Na een snelle afdaling (met de Marathon XR vallen er helaas geen records te breken) vonden we onderdak bij Mama Espinoza. Mama Espinoza kon ons een kampeerplaats en een maaltijd aanbieden, meer hadden we vandaag niet meer van doen.

 

29/09/2004   El Rosario – San Agustin

Het vinden van een degelijke nachtrust blijft hier op Baja voorlopig een probleem. De hele nacht donderden 10-tonners al motorbremsend de helling af, stil is anders. Rond 4u moest ik de slaapzak uit voor een plaspauze, helaas hadden ze de toiletten afgesloten waardoor ik iets verderop als wildplasser mijn kans moest wagen, het enige probleem daarna was dat de honden me niet meer op het terrein binnenlieten. Toen ik uiteindelijk toch mijn slaapzak terug bereikte, begon de natuur reeds te ontwaken, de ene na de andere diersoort meldde me dat met plezier. Van de plaatselijke ezel moet de olie in elk geval dringend worden ververst – als hij nog lang zo blijft piepen, zal de motor het niet lang meer uithouden. Door het slaaptekort duurde het een hele tijd vooraleer we vertrekkensklaar waren. De afgelopen dagen merkte ik al dat dit bij Sarah sowieso wat meer tijd in beslag neemt, maar een mens hoeft zich daar tijdens zijn vakantie niet druk over te maken. De voorbije dagen hadden we zoveel info en raadgevingen gekregen waardoor ik niet goed meer wist wat waar thuishoorde. Al snel werd echter duidelijk dat “ontelbare opeenvolgende hellingen” bij de rit van vandaag hoorde. Geen van beiden bezat vandaag veel fut en we schoten dan ook helemaal niet op in de beginuren. Nog een geluk dat we de wind aan onze zijde hadden, ik vreesde dat we anders Amerika terug zouden worden ingeblazen. Na de zoveelste helling zagen we plots een Coca Cola-bordje, onze redding. Naast enkele frisse soda’s nuttigde ik ook een queso-taco, ik ken plaatsen in het Gentse waar ze lekkerder snacks met meer groenten presenteren maar het vulde mijn maag wel. Ondertussen hadden we beslist dat we de etappe van vandaag gingen inkorten, we zouden overnachten in het rv-park van Santa Cecilia. Er werd ons verteld dat de weg vlakker werd dus die resterende 20 km konden geen probleem meer zijn. Of toch, om een of andere reden waren we plots in een dorp 10 km verder dan Santa Cecilia beland, geen van ons had ook maar een huis of rv-park gezien. Door de stevige rugwind op de heenweg was terugfietsen niet echt een optie. De dichtstbijzijnde noemenswaardige stad was Catavina zo’n 40 km verder. Ik hoopte echter dat we onderweg alsnog een geschikte kampeerplaats in de woestijn zouden vinden. Ik kijk echt uit naar een nacht in mijn tent in the middle of nowhere met een spectaculaire zonsondergang, wildkamperen werd ons hier echter wel al door velen afgeraden. We hadden geluk, in San Agustin botsten we op een zo goed als verlaten militaire kazerne, er woonde een bejaard koppel in een van de slaapzalen en wij konden zonder probleem een andere innemen. Emma, de sympathieke grootmoe, kwam ons nog vertellen dat ze over een rifle beschikte en dat we ons dus geen zorgen hoefden te maken. Zo bracht ik de nacht door op een licht bespotte matras van het Mexicaanse leger onder de goede zorgen van een Mexicaanse grootmoe.

 

30/09/2004   San Augustin – Chapala

’s Morgens kwamen Emma en Roberto nog ‘ns langs om goeiedag te zeggen. Helaas lukt dat in het Spaans nog niet zo goed, veel meer dan “viaje en bicicleta de Canada a Argentina” komt er voorlopig nog niet uit. De voorbije nacht heb ik behoorlijk liggen zweten en ik vermoedde dat ik wat koortsig was. Ik lichtte Sarah in over mijn belabberde fysieke toestand, zo had ik onmiddellijk een geldig excuus als ik vandaag haar wiel moest lossen. De eerste 30 km tot aan Catavina waren geen probleem, we hadden nog steeds rugwind en de weg was vlak. In Catavina was er een winkeltje waar we elk een voorraad water insloegen, ik vermoedde dat ik het met 4 liter wel tot deze avond kon redden, Sarah gokte op 8 liter. De rustpauze hadden de benen geen goed gedaan, of waren het de extra 4 kilo en de opeenvolgende hellingen die me duizelig maakten? Ik moest alles uit mijn (ondertussen fel gekrompen) kas halen om ook maar in de buurt van Sarah te kunnen blijven. Ik zoek niet nog meer excuses maar misschien voor de volledigheid: Sarah fietst hier rond op een racefiets met racebandjes en een halfvolle bob-trailer terwijl ik mijn veel te brede Schwalbe Marathon XR op het gladde asfalt in beweging probeer te houden. In San Martin passeerden we opnieuw een bescheiden restaurantje. Vele huizen zijn hier niet meer dan wat stevig op elkaar gestapelde kartonnen dozen met hier en daar een houten plank ter versteviging. Ik hoopte dat 2 cola’s voldoende zouden zijn om de zwarte vlekken van voor mijn ogen te kunnen wissen. Dit bleek nog te werken ook, mijn suikerpeil was voldoende gestegen om de eerste hellingen te verwerken. Zoals te verwachten, bleef dit natuurlijk niet duren, het laatste uur spendeerde ik, soms hevig zwetend en soms rillend, in Sarah’s wiel. Uiteindelijk piloteerde ze me veilig Chapala binnen, alwaar ik in het plaatselijke restaurantje voor de verandering enkele cola’s nuttigde. Na zowat een halfuur was ik voldoende op kracht om de heer des huizes te vragen of we misschien ergens bij hem konden kamperen. Dit bleek andermaal geen probleem te zijn, aan vriendelijke mensen is hier alvast geen gebrek.

 

1/10/2004     Chapala – Villa Jesus-Maria

Vorige nacht was er terug een van overvloedig zweten, niet dat het hier ’s nachts warm is, integendeel. Er is duidelijk iets mis met een of ander lichaamsonderdeel, alleen is het voorlopig nog gissen hetwelke. Na een chocolate en wat gebrekkige Spaanse communicatie begonnen we aan onze dagtaak, deze bestaat tot mijn grote tevredenheid nog steeds uit fietsen naar het zuiden. Vandaag konden we zowaar kennismaken met de eerste vlakke meters op Baja, wellicht heb ik me niet zo goed gedocumenteerd maar ik had steeds gedacht dat ze me hier, na mijn bergetappes in Canada en Amerika, 1200 vlakke kilometers gingen voorschotelen. In elk geval was het fietsen op vlakke wegen, ondanks een matige tegenwind, een waar plezier. Deze keer vatte Sarah plaats in mijn wiel en dat is toch net iets beter voor de moral dan andersom. Na 50 km doortrappen, bereikten we het eerste kruispunt sinds zo’n 300 km, naast een shop en een benzinestation hadden ze er ook een autokerkhof neergeplant. De Mexicanen doen echt de gekste dingen met hun afval, ik vrees dat petflessen sorteren hier niet echt een prioriteit is. Sinds we door de woestijn aan het fietsen zijn, worden we onderweg ook aangemoedigd door claxonnerende truckers en automobilisten, het is eens iets anders dan van de weg gereden worden. Ik moet eerlijkheidshalve toegeven dat Sarah hierbij wel net iets succesrijker is dan mezelve. Doordat we vandaag goed opschoten, beslisten we om de helft van de geplande rit voor morgen ook voor onze rekening te nemen. Zo hebben we straks in Guerrero Negro recht op anderhalve rustdag. We kregen uiteindelijk nog 2 , op de kaart niet te traceren , hellingen voorgeschoteld maar deze leverden net als de zoveelste militaire controlepost geen problemen meer op. Uiteindelijk bereikten we na 6u30 fietsen onze bestemming voor vandaag: Villa Jesus-Maria. Met zo’n naam kan het moeilijk fout lopen, we vonden dan ook zonder problemen een warme maaltijd en onderdak voor de nacht.

 

2/10/2004     Villa Jesus-Maria – Guerrero Negro

Door onze extra inspanning van gisteren moest er vandaag slechts een 40 km worden gefietst. Het werden vlakke kilometers, helaas door een vrij eentonig zandlandschap. Een 10-tal km voor Guerrero Negro reden we Baja Sur binnen, we konden er ons uurwerk een uur voorwaarts draaien. Het tijdsverschil met België is nu terug 8u. Baja California werd op de 28ste breedtegraad in min of meer 2 gelijke stukken verdeeld. De Mexicanen van het vasteland beschouwen enkel de inwoners van Baja Sur als echte landgenoten, die van Baja Norte vinden ze eerder halve Amerikanen, en ook hier is dat geen koosnaampje. In Guerrero Negro vonden we een motel, inclusief gescheiden bedden, hot shower en tv voor 200 peso’s of net geen 20$. Dat kon er na 9 dagen fietsen wel vanaf. In het plaatselijke internetcafé kon ik tot mijn tevredenheid vaststellen dat pc-security hier geen prioriteit is. Viva Mexico. ’s Avonds gokte ik in het restaurant ‘ns op iets anders dan de quesataco maar helaas zonder veel (lees: smakelijk) resultaat. Ik heb nu al mijn buik vol van die bruine boon-varianten en ik ben hier pas 9 dagen. Ik moet dringend terug zelf pasta klaarmaken, anders kom ik hier nooit aan voldoende koolhydraten.

 

3/10/2004     Guerrero Negro – ziekteverlof

Ondanks de 7 liter water die ik gisteren tot mij nam, werd het plassen deze nacht steeds pijnlijker. Ik stuurde wat sms’jes naar medisch België en allen hadden ze hetzelfde advies: op zoek naar antibiotica. Taxi-gewijs werd ik bij een dokter afgeleverd alwaar ik in mijn beste Spaans mijn probleem probeerde uit te leggen. Om zeker te zijn dat hij me niets tegen oorontstekingen ging voorschrijven, belde ik Els nog ‘ns op. Ik zag de man goedkeurend knikken, dus het Spaans zal wel foutloos geweest zijn. Nadat ik de apotheker had gewekt, stapte ik terug richting motel. Onderweg werd de druk op de blaas echter opnieuw zo groot dat een wildplasbeurt op een zanderige parking onvermijdelijk was. Wel, dat kan je hier in Mexico blijkbaar beter vermijden. Toen ik mijn weg wilde verderzetten, werd ik de pas afgesneden door een pick-up, van waaruit een man al blaffend met een pistool op mij kwam afgelopen. Ik weet niet wat hij ervan maakte, maar ik zei hem in het Nederlands, met het doktersbriefje in de aanslag, dat ik dringend bloed moest plassen. Uiteindelijk begon hij over een boete te zeveren en dat terwijl de ongeveer 200 wilde honden van Guerrero Negro hier ongestraft hun ding kunnen doen op de zandwegen. Daar ik geen geweerschoten hoorde bij mijn aftocht veronderstel ik dat ik er op dat moment blijkbaar ziek genoeg uitzag om geloofwaardig over te komen, Terug in het motel nam ik mijn antibiotica en ging ik verder een pijnlijke dag tegemoet. Ik zal jullie de details besparen, maar een mens staat er verwonderd van wat er zoal door een urineleider kan passeren. Gelukkig kwam er in de loop van de avond enige beterschap, de pillerie en de vele liters water doen blijkbaar hun werk. Morgen een extra rustdag is de enige optie.

 

4/10/2004     Guerrero Negro – ziekteverlof

Vorige nacht al bij al behoorlijk geslapen. Om 4 uur werd het interval van de plasbeurten door mijn nieren enigszins bijgesteld, vanaf dan moest ik ieder uur nog slechts eenmaal uit bed i.p.v. 2 tot 3 keer. Het gaat dus duidelijk de goede richting uit, leve de antibiotica? Deze morgen nog ‘ns netjes al mijn kleren gewassen, we kunnen er hier maar beter proper bijlopen. Daarna heb ik mijn fiets ‘ns onder handen genomen: de ketting gewisseld, remmen bijgeregeld, wiel gerecht en verder alle woestijnzand verwijderd. Hij blinkt terug als nieuw, helaas is dit hier niet echt een voordeel. Door een stroompanne in de hele stad van enkele uren (ijsjes eten, is hier toch niet zo’n goed idee ) moest ik het internetten wat uitstellen. Uiteindelijk kon ik in de late namiddag toch nog een kijkje nemen in de virtuele wereld, veel meer valt er hier deze tijd van het jaar in Guerrero Negro eigenlijk niet te beleven. Vanaf december tot april daarentegen is het hier toeristisch hoogseizoen, dan komt mama walvis hier namelijk bevallen in de warme lagune. Het schijnt zeer de moeite te zijn maar ik vrees dat ik toch geen 2 maanden zal wachten. Het thuisfront had tijdens de internet-sessie laten weten dat het idee om morgen al terug verder te fietsen niet echt geapprecieerd werd. Persoonlijk vond ik ook wel dat ik al betere ideeën had gehad maar ik kon toch moeilijk van Sarah verlangen dat ze hier nog een dag in dit gat zou rondhangen. Uiteindelijk vonden we een oplossing, ik blijf hier nog minstens een dag rusten en Sarah fietst ondertussen verder naar Mulege, aan de oostkant van het eiland. Daar zal ze me opwachten en wellicht kunnen we dan zaterdag of zondag samen terug verder door een nieuwe woestijn.

 

5/10/2004     Guerrero Negro – rustdag

Deze morgen is Sarah dus alleen op pad vertrokken. Ik had de indruk dat ze er toch niet helemaal gerust in was, hopelijk maakt ze zich nodeloos zorgen. Door het vertrek van Sarah ging ik op zoek naar een goedkoper logies-adres, het huidige motel zou volgens mijn Footprint maar tussen de 7 en 11$ mogen kosten maar volgens de eigenaars blijft het wel degelijk 20$. Na een halfuurtje door de stad fietsen (dit valt min of meer te vergelijken met de Panne Beach Race maar dan met honden als toeschouwers), vond ik een motel waar een kamer maar 10$ kostte, het verschil in comfort was net zoals het prijsverschil vrij groot. Ik heb de indruk dat mijn normen i.v.m. orde en netheid al serieus zijn bijgesteld.

 

6/10/2004     Guerrero Negro – San Ignacio

De nacht in het goedkoop motel is me niet echt bevallen. De matras bleek een geveerd exemplaar te zijn, hoe ik me ook draaide of keerde, er zat altijd wel een veer ter hoogte van de nieren te duwen. Ik loste het euvel op door mijn thermarest matje op het bed te leggen. In een moeite haalde ik ook mijn slaapzak boven want het aangeleverde deken stonk net iets te veel. Net toen ik het licht uitdeed, zag ik 2 mega keverachtige beesten, ik kon vannacht maar beter met mijn mond dicht slapen. Om 6u30 begon ik aan mijn dag, het ochtendritueel handel ik alleen toch veel sneller af. Dit bleek vooral toen ik om 7u nog een kwartier moest wachten omdat het buiten nog donker was. De hamvraag was hoe de benen zouden reageren op de antibiotica. Dat was helaas snel duidelijk, totaal geen kracht en vrij pijnlijke spieren. Gelukkig kreeg ik vandaag een pak vlakke kilometers en rugwind voorgeschoteld, anders had ik snel rechtsomkeer gemaakt vrees ik. Die vlakke kilometers werden uiteindelijk nog vrij snel vervelend, zowel links als rechts was er niets te zien buiten zand en huisvuil van de Mexicanen. Het feit dat ik aardig vooruit kwam, maakte natuurlijk veel goed, in nog geen 3 u stond ik 70 km verder. Na een 90 km begon het landschap terug te variëren, d.w.z. er werden hier en daar wat cactussen aan het uitzicht toegevoegd. Ook kreeg ik in de verte wat hellingen te zien, wat mij betrof konden die nog wel een dag op zich laten wachten. De benen werden wel niet slechter maar top-benen waren het in geen geval. Uiteindelijk kreeg ik toch nog enkele heuvels te verwerken maar dit was slechts gedurende de laatste 10 km. Ik werd hiervoor dan ook nog ‘ns rijkelijk beloond. San Ignacio bleek in een ware oase te liggen, de overgang van 6u woestijnfietsen naar honderden palmbomen werkte bijzonder positief op de moral. Na het nuttigen van een frisse Cola (ik leef nu op een rantsoen van 1 cola per dag) ging ik op zoek naar een slaapplaats. Ik informeerde ‘ns in het plaatselijke motel maar 20$ was me net iets te veel, het RV-park was een waardig alternatief. Voor 40 peso’s kon ik mijn tent tussen de palmbomen opzetten. De rest van de dag, door een gemiddelde snelheid van 23km/u waren dat nog een behoorlijk aantal uren, kon ik aan rusten besteden. De dokter kan tevreden zijn.

 

7/10/2004     San Ignacio – San Lucas

Gisteren kreeg ik al een voorsmaakje en vandaag volgde de rest van de hellingen van de Sierra El Chipilin. Het eerste uur was het terug hard werken op de fiets maar naderhand begonnen de benen iets soepeler te draaien. Plots schoot me een zin te binnen die mijn ma vroeger nogal regelmatig zei : “’t is were een straotje zonder ende”. Meestal poneerde ze deze proza naar aanleiding van het consumptiegedrag van haar 3 pubers. Wel hier op Baja is het ook een straotje zonder ende. Na oneindig veel opeenvolgende hellingen lijkt het soms alsof er geen einde komt aan die 1300 km tussen Tijuana en La Paz. Gelukkig krijg ik voor al deze inspanningen regelmatig een beloning, de laatste helling was een uitloper van “Volcan Las Tres Virgenes”, enkel in de Islam kan je met meer maagden worden beloond (en nu maar hopen dat die fatwa uitblijft). Na 4 uur fietsen bereikte ik Santa Rosalia, mijn eindbestemming voor vandaag. De Franse El Boleo Copper Company heeft deze stad ooit gesticht om hier in de nabijgelegen heuvels koper te ontginnen. Ik heb het hier al verscheidene keren gehad over het vuilnis dumpen van de doorsnee Mexicaan, wel de Fransen lieten hier naast een pak verroeste machines ook arsenicum in de bodem achter. Die Mexicanen hebben het dus toch van iemand geleerd. Het RV Park was 3 km buiten de stad gelegen. Helaas bleek dit bij aankomst failliet te zijn (of waren ze de bodem aan het saneren?). De kaart vertelde me dat ik 20 km verderop nog een poging kon wagen. Na een uur fietsen in de brandende zon, het was ondertussen 14 u en zo’n 36 graden in de schaduw geworden, bereikte ik San Lucas. Het RV Park werd er bezet door gepensioneerde Amerikanen. In de loop van de avond zou blijken dat ik het slechter kon treffen, ik kreeg er o.a. gratis bier (in bed viel me plots te binnen dat ik nog steeds aan de antibiotica zit) en het fijne gezelschap van enkele sympathieke mensen cadeau.

 

8/10/2004     San Joris – Mulege

Deze morgen was ik vroeg uit de veren, de oranje-rode gloed was schitterend boven de Golf van Cortez. Ik profiteerde van het uitzonderlijke licht om (al zeg ik het zelf) enkele mooie foto’s te schieten. Voor ik verder fietste, poogde ik mijn thermarest mat te herstellen, sinds enkele dagen is deze lek en moet ik de mat in de loop van de nacht om de x aantal uren opnieuw van verse lucht voorzien. Helaas was het een vruchteloze poging. Vandaag moest er niet zoveel gefietst worden en dat vonden de antibiotica-benen maar best. Het terrein was voor de verandering terug heuvelachtig en het liep (fietste) niet lekker. Ik vervloekte onderweg mijn veel te brede banden maar uiteindelijk denk ik dat het enkel mijn slappe benen waren die mij parten speelden. Uiteindelijk zat ik slechts 2u30min op de fiets maar het leek allemaal veel langer te duren. Toen ik Mulege binnen fietste, werd ik verwelkomd door Jordi en Emma, ze hadden de dag voordien Sarah ontmoet en wisten dat er nog een fietser in aantocht was. Jordi en Emma kwamen hier enkele dagen terug met de bus aan maar Jordi heeft eveneens ambitieuze fietsplannen. Hij wil namelijk van hieruit naar Puntas Arenas fietsen in Argentinië, als dat geen toeval is, ik moet toevallig ook die richting uit. Bovendien blijkt Jordi een Spanjaard te zijn die al enkele jaren in Amerika woont, het probleem van mijn beperkte kennis van de Spaanse taal is op deze manier ook snel opgelost. Ik vond op hun aanwijzingen Sarah terug in een klein maar gezellig motel. Het fietsen alleen was haar hier niet zo positief bevallen, ze werd zowat constant lastig gevallen. In het hotel waar ze in Santa Rosalia overnachtte, bleek ze ook nog ‘ns begluurd te worden door een kijkgat, ze bedankte de bejaarde eigenaar met het opschrift “pervertido” in permanent marker op haar kamermuur. In de loop van de middag bleek er nog een fietser in de stad aanwezig. Het was Sean, hij was hier in maart aangekomen met een gebroken achteras. In de 2 weken die hij hier moest wachten op herstelmateriaal leerde hij een plaatselijke schone kennen waardoor hij hier 7 maanden later nog steeds zit. ’s Avonds aten we eerst allen in een plaatselijk visrestaurantje en daarna werd er nog wat bier gedronken (ik hield het deze keer bij jugo de naranja) in een fijn café. De 2e gezellige avond op rij, het is ‘ns iets anders dan om 21u in je slaapzak kruipen.

 

9/10/2004     Mulege – rustdag

Deze middag vertrekt Emma terug naar Amerika. In de moderne samenleving zorgen de dames blijkbaar voor het inkomen. Sarah en ik beslisten hier nog een dag langer in Mulege te blijven zodat we morgen samen met Jordi verder kunnen fietsen. De plannen voor de komende dagen zijn eerder beperkt: zo’n 20 km hier vandaan bevindt zich de Bahia Concepcion, een natuurlijke baai in de Golf van Cortez. We gaan ons daar nuttig maken door middel van snorkelen enz. Vandaag heb ik mijn laatste antibiotica ingenomen, de extra rust zal me hopelijk goed doen. Daarna resten er ons nog een 6-tal fietsdagen tot La Paz, ik zal deze kunnen gebruiken om mijn conditie terug wat aan te scherpen want de eerste week op het Mexicaanse vasteland belooft alvast pittig te worden.

 

10/10/2004   Mulege – Playa El Coyote

Vandaag had ik terug eerder bescheiden fietsplannen. Verschillende mensen hebben me aangeraden wat tijd te spenderen in de Bahia Concepcion. Dat is een natuurlijke baai van zo’n 50km in de Golf van Cortez, ideaal om wat te snorkelen en te zwemmen. Ook mijn medefietsers Sarah en Jordi wilden wel wat tijd op het strand en in het water doorbrengen. ’s Morgens namen we afscheid van Sean. Hij zal nog eventjes in Mulege blijven maar lijkt vastbesloten om zijn tocht volgende maand verder te zetten. De voorbije dagen heb ik Sean leren kennen als een no-nonsense fietser-avonturier. Hij fietste doorheen de Verenigde Staten tot hier op een fiets zonder versnellingen. Hij had enkele jaren in een bike-shop gewerkt en had schoon genoeg van derailleurs. De afgelopen maanden leefde hij hier van zo’n 5$ per dag, het grootste deel van zijn voedsel viste hij op uit zee. En dit terwijl ik nog steeds de grootste moeite heb om van 20$ per dag te leven, hmm nog een ijsje of toch niet? Het fietstochtje zelf was best gezellig, rustig keuvelend doorheen een mooi landschap rijden, er bestaan ergere dingen. Na anderhalf uur trappen, de 27 km waren toch vrij heuvelachtig, bereikten we onze playa. We zochten beschutting onder een palapa (een bescheiden rieten hutje dat bescherming tegen zon en wind biedt) en dat was het zowat. In de loop van de middag ondernamen we nog een poging om naar een verder gelegen eiland te zwemmen maar toen we na 45 min zwemmen nog steeds niet in de buurt kwamen, dachten we dat het misschien toch veiliger was om terug te keren.

11/10/2004   Playa El Coyote – Los Pocitos

Vandaag verplaatsten we ons enkele km’s verder in de Bahia Concepcion. Het terrein is nog steeds heuvelachtig en ondanks de korte afstand was het toch vrij duidelijk dat Jordi nog niet helemaal top is. Dat is natuurlijk niet meer dan normaal, hij heeft momenteel slechts een 10-tal fietsdagen in de benen. Mijn benen draaien, tot mijn grote tevredenheid, ondertussen wel terug behoorlijk rond. De rest van de middag spendeerden we terug in de baai. Deze was wel iets minder fraai dan gisteren, een mens went snel aan zoveel schoonheid. Tot onze aangename verrassing bleek de onderwaterwereld wel de moeite. De Mexicanen hadden blijkbaar enkele jaren terug een autowrak in de zee geduwd en deze was nu begroeid met koraal en schelpen. Errond waren bijzonder kleurrijke vissen te bewonderen. Voor morgen staat er terug een steviger fietstocht op het programma en dat is maar goed ook, na 2 dagen strand blijkt nog maar ‘ns dat dit toch niet echt mijn ding is.

 

12/10/2004   Pocitos – Loreto

Deze morgen begon min of meer met een valse start. We hadden afgesproken dat we vandaag om 8u zouden beginnen fietsen maar blijkbaar is niet iedereen even routineus. Het moet gezegd, een lopende stoelgang speelde Jordi wel enige parten. Met ruim een halfuur vertraging konden we uiteindelijk toch op pad. Helaas, ik reed lek in de eerste 50 meter. Eerst een hele tijd met mijn vingers staan draaien en dan onmiddellijk een platte tube, nog een geluk dat ik geen last heb van ochtendhumeur. Ik stuurde mijn kompanen alvast op pad, ik zou wel achtervolgen. Het vervangen van het bandje verliep vrij routineus maar het doet natuurlijk geen goed aan mijn (al matige) enthousiasme voor de Schwalbe Marathon XR banden. Sarah fietste tot nog toe slechts 1 maal lek op koersbandjes terwijl ik met mijn monsterbanden de voorbije 1000 km al 2 keer een platte tube kon vervangen. De achtervolging verliep voorspoedig: na 15 min fietste ik Jordi voorbij, ik had zo de indruk dat het een lange dag voor hem zou worden. Sarah was beter op dreef, het duurde ruim een uur voor ik haar in mijn vizier kreeg. We vulden in een afgelegen cafeetje onze watervoorraad aan en gingen daarna samen verder. Mijn benen voelden vandaag super, de antibiotica is blijkbaar geheel uit mijn lijf verdwenen. Sarah zei dat ik gerust kon verder fietsen waarop ik prompt nog enkele tandjes groter schakelde. Het was bijzonder fijn om op deze manier door de terug grootse landschappen te fietsen. Op zo’n momenten is het voor mij echt duidelijk dat dit een fietsvakantie is, veel meer dan een vakantie met de fiets. Na 4u genieten bereikte ik Loreto. Het duurde een tijd voor ik er mijn weg vond maar uiteindelijk bleek het een gezellig stadje te zijn. Ik stopte bij een panader?a, de Mexicaanse bakkerijen zijn eerder schaars maar de lekkernijen die ze er verkopen, zijn overheerlijk. Meer nog: koffiekoeken, muffins en ander lekkers worden hier tegen een spotprijs aangeboden. De uurlonen zijn hier duidelijk niet zo hoog. Toen ik hier wat de toerist liep uit te hangen, vond ik in een prullariawinkeltje tussen de postkaarten een boek van Minette Walters. Het heksenmasker, een 2e hands exemplaar in het Nederlands (!) voor 10 peso’s. Dit kon ik natuurlijk niet laten liggen, wat spannende lectuur voor de nachten dat ik wildkampeer op verlaten vlaktes. Uiteindelijk zag ik Sarah en Jordi pas tegen de avond terug. Jordi was ruim 4u na mij aangekomen. We aten voor de verandering nog ‘ns tacos de pescado en bespraken de verdere te volgen koerstactieken. Jordi besliste om morgen een kortere etappe te fietsen, we gaan te snel voor hem. Misschien is dat wel de juiste beslissing want op deze manier verder gaan, werkt toch enkel ergernis in de hand. Wie weet kom ik hem verder op mijn tocht nog wel ‘ns tegen. Voorlopig kan ik mijn Spaanse tolken dus niet zo lang bijhouden.

 

13/10/2004   Loreto – Medio de la Nada

Sarah had, 5 minuten voordat we zouden vertrekken, nog een verrassing in petto, ze wou vandaag wat snorkelen i.p.v. fietsen. Elk zijn goesting natuurlijk maar het verschil in fietsambities is de laatste dagen wel zeer groot. Geen erg, ik besliste om alleen verder te fietsen. Bij wijze van afscheidscadeau trakteerde ik mezelf op 106 km dirt road. Dit was al enkele weken geleden (daar Sarah zich op een racefiets verplaatste), van de nood een deugd maken – dat is terug proper opgelost. Via een gravelweg moest ik de bergketen Los Gigantes te zien overkomen, die naam alleen al zorgde voor voldoende duidelijkheid: er zou vandaag gefietst moeten worden. Het hellingspercentage was duidelijk niet op zwaar verkeer voorzien, het eerste uur fietste ik amper 9 km bijeen. Na nog een uur trappen passeerden me 2 motoren. Het bleken 2 Amerikanen op weg naar de Mission in San Javier. Een van hen was hier ooit al ‘ns gepasseerd en hij beschikte over nuttige wegeninfo: tot in San Javier was de weg ok, daarna werd het iets moeilijker. Hij had het o.a. over rivier doorsteken en zand. Daarom zouden zij straks langs dezelfde weg terugkeren maar mijn plannen waren net iets anders. Ik bereikte San Javier na 3u30min fietsen. De overbrugde afstand was slechts 32 km, van het hoogteverschil had ik geen idee maar het moet toch meer dan behoorlijk geweest zijn aangezien ik ruim de helft van de weg op mijn kleinste verzet fietste. In San Javier waren enkele Italiaanse toeristen aanwezig, ze konden niet geloven dat ik die weg was opgefietst en wellicht in de overtuiging dat zich juist een nieuw mirakel had voltrokken, begonnen ze me ongevraagd te fotograferen. Tijd om verder te fietsen wat mij betrof, maar eerst moest ik mijn watervoorraad nog aanvullen. Het werd het duurste water tot nog toe op deze trip, na afdingen betaalde ik 70 peso’s (zo’n 7?) voor 4 liter. Na San Javier werd de weg dalend, dat was alvast aardig meegenomen. Wat de rivier doorsteken betrof, had de Amerikaan wel degelijk gelijk. De eerste keer kon ik beide voeten droog houden, de tweede keer nog één voet maar bij de derde doorsteek stond het water tot aan mijn knieën. Het is hier gelukkig nog steeds 30 graden dus zo erg is dat allemaal niet. De kwaliteit van de weg werd, op de zandstroken na, toch wel beter, mijn gemiddelde snelheid steeg gestaag. Ik kruiste nog welgeteld 1 voertuig in de loop van de middag. Het waren 2 Amerikanen in een 4×4, ze vroegen of ik bezig was met de Iron Man en boden me gratis water aan (grr). De zanderige bodem deed me terugdenken aan mijn trainingsterrein in Heusden en Lochristi, maar aan de weersinfo uit België te horen, is het mountainbikeparcours ginder ondertussen wellicht herschapen in één grote modderpoel. Na 7u fietsen hield ik het voor bekeken, ik had op dat ogenblik 95 mountainbikekilometers in de benen. Ik vond een geschikte wildkampeerplaats in de woestijn tussen de cactussen. Nog dit: over de Marathon XR banden niets dan goeds vandaag. Ze zijn duidelijk meer geschikt voor het dirt-road werk.

 

14/10/2004   Medio de la Nada – Santa Rita

Deze morgen was ik om 7u45 op pad, nu ik terug alleen fiets, hoef ik op niemand meer te wachten 🙂 De eerste 40 min kon ik de rest van de gravelroad van gisteren afwerken. Ik probeerde onderweg enkele keren een roadrunner te fotograferen maar die beestjes zijn echt te snel. De rest van de etappe bestond uit zo’n 110 vlakke kilometers. Dit deel van Baja is vrij groen. Ingenieurs van Israël leerden de plaatselijke bevolking irrigatietechnieken aan (het is ‘ns iets anders dan de irritatietechnieken die ze de Palestijnen bijbrengen). Er wordt hier dan ook intensief aan veeteelt en akkerbouw gedaan. De koeien konden me echter maar matig boeien en de pijlrechte vlakke weg begon dan ook nogal snel te vervelen. De kilometerpalen tellen ondertussen af naar La Paz en dat ben ik zo ook een beetje aan het doen. Een slaapplaats vond ik in Santa Rita, de Spanjaarden hebben hier behoorlijk wat heiligen achtergelaten. De Mexicanen zijn super vriendelijk wat het aanbieden van kampeergelegenheid betreft, nog geen enkele keer werd me de toegang tot een “tuin” geweigerd. Deze keer moest ik er wel het gezelschap van 3 overenthousiaste kinderen bijnemen – no hablo espanol.

 

15/10/2004   Santa Rita – La Paz

Vandaag stond een stevige rit op de planning. Ondanks het heuvelachtige terrein wou ik deze avond zo dicht mogelijk bij La Paz kamperen. Rond 7u30 begon ik aan mijn opdracht. De weg was tijdens de eerste 30 kilometer nog even recht als gisteren maar de wegenwerkers hadden wel geen moeite meer gedaan om de weg enigszins af te vlakken. Toch bereikte ik vrij snel Pepes, ik had gehoopt er een winkeltje te vinden maar dat was blijkbaar jaren geleden afgebrand. Geen nood echter: 15 km verder in El Cien kon ik alsnog mijn bananen en water inslaan. Tegenwoordig leef ik op een rantsoen van respectievelijk 3 stuks en 5 liter per dag. De volgende stop had ik in San Agustin voorzien. Het terrein werd iets heuvelachtiger, lastiger maar boeiender wat mij betreft. Onderweg kruisten de 2 Amerikanen in hun 4×4 (die ik op de dirt-road naar San Javier was tegengekomen) nog ‘ns mijn pad, ze waren verbaasd over mijn snelle voortgang. Het was ondertussen 12u gepasseerd en de zon liet zich ten volle gelden. Mijn voeten raakten oververhit en ik werd genoodzaakt om een extra stop in te lassen. Toen ik de kaart en mijn gps raadpleegde, stelde ik vast dat ik minstens 10 km voorbij San Agustin moest zijn. Ik had, ondanks mijn matige snelheid, in elk geval niets gezien. Mijn kaart is deze keer van Duitse makelij (Reise Knowhow) en van het jaar 2003 maar ik heb de indruk dat hun informatie zo nu en dan toch serieus gedateerd is. Het is niet zo erg als de Rand McNally die ik gebruikte doorheen Amerika maar ook nu weer bestaan er betere kaarten, o.a. deze van de AAA (Amerikaanse Automobiel Federatie). Het fietsen liep vrij lekker vandaag, de resterende kilometers tot in La Paz verminderden snel. De enige noemenswaardige hindernis die ik nog te verwerken kreeg, waren enkele kilometers wegenwerken. De werken waren net begonnen, de vorige laag asfalt was al verwijderd en dat was het zowat. Het blijft me hier verbazen hoe ze zo’n werken aanpakken zonder gebruik te maken van grote kranen, bulldozers en aanverwanten. Pure mankracht, handenarbeid is hier nog steeds het voornaamste middel om werk te verzetten. Zowel bij aanleg van wegen, schilderen van (kromme) lijnen, bouwen van bruggen, maaien van graskanten enz. Toen ik kilometerpaal 30 passeerde, kon ik een eerste glimp opvangen van La Paz. Tot mijn tevredenheid kon ik vaststellen dat ik nog een behoorlijk aantal meters mocht dalen. Een uurtje later was het zover. Om mijn intrede wat in te kleden, hadden ze de laatste 10 km nog van een nieuwe asfalt laag voorzien, ik apprecieerde het gebaar. Volgens mijn Footprint waren er 3 RV-Parks in La Paz maar na een uur vruchteloos zoeken gaf ik het op. Ik fietste het centrum binnen en zocht mijn toevlucht in Huspedes California. Een gezellige hostel met een leuke patio, mijn thuis voor de komende 2 dagen.

 

16/10/2004   La Paz – rustdag

Vandaag stond er buiten het verrichten van wat huishoudelijke taken niet zoveel op het programma. Naast het wassen en plassen kocht ik alvast mijn ticket voor de ferry. Volgens mijn (zeer betrouwbare) Footprint reisgids kan ik zo enkele uren aanschuiven aan de ferryterminal vermijden. Voordat ik het thema ontspanning kon aansnijden, moest ik nog wat geld uit de muur halen. Bij die poging tot geldopname verspeelde ik echter mijn bankkaart. El cajero automatico slikte ongevraagd mijn kaart in. Ik verplaatste me naar het hoofdkantoor maar daar konden ze me helaas niet verder helpen, hopelijk heb ik maandag in het plaatselijk kantoor meer geluk. Naast mijn bankkaart bezit ik gelukkig nog steeds een Visa-kaart, voorlopig kan ik dus mijn liquide middelen nog beheren. De rest van de dag spendeerde ik aan de verkenning van de toch wel gezellige stad. En dames, ik vond er zowaar 2 straten met enkel maar schoenwinkels.

 

17/10/2004   La Paz – rustdag

Vandaag stonden er andermaal geen sportieve inspanningen op de planning, al begint mijn wandelzoektocht naar vers fruit in La Paz wel in de buurt te komen. Omdat de zoektocht andermaal vruchteloos was, stelde ik me tevreden met de gouden combinatie van peach-rings (heerlijk gummi snoepgoed) en Davitamon vitaminen. Ik had blijkbaar nog wat uren slaap in te halen na de vele fietskilometers van de voorbije dagen. Gelukkig had ik een rustige kamer gekregen en kon ik die activiteit zelfs moeiteloos overdag uitvoeren. Vandaag wou ik de import Burger King ‘ns proberen maar de prijzen waren ongeveer het dubbele van die in Amerika. Als alternatief waren er gelukkig voldoende kraampjes met taco’s de pescado en hotdogs voorhanden. Eten en slapen, veel meer is er vandaag echt niet gebeurd.

 

18/10/2004   La Paz – Mazatlan

Deze morgen wou ik een poging ondernemen om mijn bankkaart terug in mijn bezit te krijgen. Helaas, ondanks mijn mooi voorbereide Spaanse zinsneden wilden ze in het Bancomer kantoor weinig moeite doen. Nu zou de ingeslikte kaart plots vernietigd zijn, ik geloofde er geen snars van, wat mij betreft waren ze gewoon te lui om de sleutel te zoeken. Gelukkig kon ik op mijn Belgische bank wel rekenen. Argenta blokkeerde voor de zekerheid de ingehouden bankkaart en zorgt ervoor dat Tine me eind december een nieuw exemplaar kan bezorgen, allemaal voor niets, als dat geen service is. Terug in het motel bleken Sarah en Jordi daar ook al een nacht aanwezig te zijn, blijkbaar hadden ze dan toch besloten om samen verder te reizen. Hun reis naar La Paz was echter verre van vlekkeloos verlopen, 4 platte banden en 4 gebroken spaken zorgden ervoor dat ze de laatste 100km moesten liften. Rond 11u sprong ik op mijn fiets voor de laatste 20km op Baja, de afstand van La Paz naar de ferryterminal. Ik probeerde mijn fiets mee in het salon te krijgen maar de scheepslui zagen dat niet zitten. Uiteindelijk moest ik mijn kostbaarste bezit tussen de auto’s op het onderdek achterlaten. Het meest vervelende gevolg daarvan was dat ik tijdens de nacht geen gebruik kon maken van mijn thermarest matje, de harde vloer (mijn vetpercentage is blijkbaar zo goed als nihil ondertussen) zorgde voor vele wakkere uren. Voor de rest was er op de ferry wel fijn gezelschap aanwezig. Er werd behoorlijk wat gekletst over alles wat tussen Canada en Argentinië ligt.